zaterdag 11 januari 2014

Zaterdag

Zo zeg wat gaven wij een geld uit deze week! De Belastingdienst kwam met een naheffing en onze minstens 10 jaar oude koelvriescombinatie gaf de geest. Eén keer knipperen met de ogen en we waren €1300 armer.

Het geintje van de Belastingdienst werd eind vorig jaar al aangekondigd en is te wijten aan onoplettendheid en naïviteit van onze kant. Het bedrag van de door ons afgekochte woekerpolissen hebben we bij de aangifte van dat jaar niet doorgegeven. Onze motivatie was dat we daar bij het uitkeren namelijk al enorm veel belasting over betaalden, dat ook omstandig werd aangekondigd door de woekerpolisboef, eh verzekeraar. Maar zo werkt dat niet. Er werd vooraf inderdaad al één en ander in gehouden maar achteraf wil de belastingdienst er ook nog een plasje over doen om de onterecht genoten voordeeltjes in de jaren dat je het bedrag opbouwt, weer van je af te pakken. Moet je maar niet de polis afkopen voor einde looptijd. Jammer genoeg, want je inleg (of wat er van overbleef) niet terughalen is in deze tijd geen optie meer, aangezien je polis zichzelf van binnenuit opeet als je niet uitkijkt. Nou ja, erg suf van ons, meer valt er niet over te zeggen.

Dat een minstens 10 jaar oude koelkast (denken we, hij hoorde bij het huis maar hoe oud precies weten we niet) gaat hemelen, komt natuurlijk helemaal niet als een verrassing en dat is waar we de buffer voor hebben. Dat dit op dezelfde dag gebeurt als die weinig opwekkende acceptgiro van de Belastingdienst vond ik dan wel een tegenvaller.

Een andere uitzoeken was nog niet eenvoudig. De koelkast kan in onze keuken maar op één plek staan en die plek is best smal, weet ik nu. De beschikbare breedte van 55 cm matcht niet met het merendeel van de aangeboden koelkasten die bijna allemaal 60 cm breed zijn. En zo kochten we nu dan weer hetzelfde best dure merk (L.iebherr) omdat die nu eenmaal wel koelkasten van 55 cm breed verkoopt. Waar ik wel heel blij mee ben, echt heel blij, is dat deze nieuwe koelvriescombinatie 'no frost' is. Nooit meer ontdooien! Dat scheelt geld want hoewel ik in theorie weet dat maandelijks ontdooien scheelt in energieverbruik, kwam de praktijk neer op iets heel anders. Namelijk pas ontdooien als de laden van het vriesvak alleen nog maar open gaan door grof geweld toe te passen. Het scheelt ook tijd en irritatie want als ik ergens een hekel aan had....

Over naar de wekelijkse kattenupdate (kattenhaters kunnen nu stoppen met lezen)...het gaat heel erg goed in ons kattenhuis. De houding van twee van de drie de bewoners op vier poten is aan het veranderen. De duidelijk te lezen tekstballon boven hun hoofd 'wat doe die indringer hier!*^&%^$?' is veranderd in 'onduidelijk wat ie hier doet, maar voor nu best oké.' Het lijkt alsof Moos en Smoes doorkrijgen dat meer katten niet betekent dat de stroom voer ineens minder wordt of dat er niet meer geknuffeld en gespeeld wordt. Dus glijden we heel langzaam in een ritme dat vertrouwd aanvoelt voor iedereen.

Smoes kan eindelijk weer ontspannen 


Daarbij scheelt het enorm dat Dibbes een slimme kat is die snel aanvoelt wat kan en wat niet kan en zich goed laat bijsturen. We pasten wat tips van de dierenarts toe en met effect. Ook las ik het boek 'Kattengeheimen' dat mij door een hier meelezende dierenartsassistente werd aangeraden. Heel verhelderend! Dan viel het ook nog allemaal reuze mee, want het kan allemaal veel erger uitpakken met de komst van een extra kat in je huis. Buiten wat geblaas en gekwetste ego's is er niet veel aan de hand geweest.

Vanmiddag slepen we de kerstboom naar de inzamelplek hier in onze gemeente en gaat ie in de hens! Elk jaar weer een leuk moment. En verder doe ik weinig, ik heb vanmorgen wat crackers gebakken en straks stort ik mij op de zaterdagkrant. Fijn weekend!

vrijdag 10 januari 2014

Veranderen van gedrag

Zoals een lezeres schreef deze week: overal loert het gevaar van uitgeven. Weinig geld hebben betekent helaas niet altijd dat je ook weinig geld uitgeeft. Veel mensen herkenden zich in mijn beschrijving van de oude spaarcentje: ondoordacht geld uitgeven en mateloos zijn. Niet iedereen is een geboren zuinigerd en anderen leven met gemak van jongs af aan heel spaarzaam. Hoe kan dat? Is het gezin waarin je opgroeit bepalend, zijn het je genen? Sommigen verenigen twee levensstijlen in zich en kunnen makkelijk switchen als dat nodig is, zoals Izerina omschreef:

"Het antwoord op je vraag kan ook "beiden"zijn. Ik spaarde mijn snoep en heb altijd een buffer gehad. Maar gaf in de vette jaren gemakkelijk geld uit aan boeken,weekendjes weg,lekker eten.Ik was me daar goed van bewust en genoot er van. Daardoor had ik speelruimte toen het inkomen halveerde en ook die buffer om de kosten van de alternatieve gezondheidszorg te kunnen betalen."

De knop vinden om mijn gedrag rond geld aan te passen was iets dat jaren duurde. Al sinds ik op mezelf woonde wisselde ik periodes van veel geld uitgeven af met perioden dat ik spaarde en zuinig leefde. Achteraf gezien duurden de periode van zuinig leven net zo lang tot het doel was bereikt. Ik heb me bijvoorbeeld ooit eens om laten scholen tot kok en leverde mijn goed betaalde baan bij een uitgeverij in voor een onzekere toekomst. Om mijn plan te laten slagen had ik uitgerekend dat ik een jaarinkomen bij elkaar moest sparen om mezelf de tijd te geven een opleiding te volgen en werk te vinden. Dat lukte. Toen ik eenmaal als kok werkte, stapte ik naadloos in mijn oude gedrag van bankafschriften niet bekijken.

Voor veel mensen die ook hun gedrag proberen aan te passen, zal dit herkenbaar zijn. Soms lukt het -soms zelfs heel lang - maar altijd (bijna altijd) zak je weer terug. De dooddoener 'gewoon doen' werkt niet. Ook is het niet een kwestie van de juiste knop vinden. Die vond ik al tig keren maar gooide hem net zo  hard weer weg. Het 'weten' is kennelijk niet voldoende garantie voor 'het goed doen' (los van het feit dat wat 'het goed doen' is, wisselt per periode in je leven). Toch is er er wel iets te roepen over het succesvol veranderen van je financiële gedrag.

Bedot je brein!
Wie ooit heeft gelijnd of gerookt weet dat voornemens vaak niet werken. Met de kennis die ik nu heb weet ik dat het voornemen niet meer te snoepen en 20 kilo afvallen een gebied in je hersens triggert (de amygdala) dat daardoor meteen alarm slaat en in verzet komt. Elke grote verandering is moeilijk want oude patronen moeten worden gebroken. Patronen zijn als groeven in een plaat, let je even niet op, dan donder je zo weer in een groef en zie er dan maar weer eens uit te komen want het voelt zo vertrouwd. Daarom is het zaak zó te veranderen dat het niet aanvoelt als veranderen: met kleine stappen.


Houd je uitgaven bij en werk met budgetten
Dit liedje blijf ik eindeloos zingen. Het begint en eindigt met overzicht. Hoe kun je weten of je bespaart als je niet bijhoudt wat er uitgaat? Uiteindelijk begint het met kennis over wat er überhaupt mogelijk is. Schattingen werken niet als je ze niet toetst. Mensen die niet bijhouden wat ze uitgeven aan boodschappen, schatten dat vaak volledig verkeerd in en schrikken zich wezenloos als ze het wél gaan bijhouden.

Stel concrete doelen
Zo maar gaan bezuinigen heeft geen zin. Werk ergens naar toe en geniet ervan als je het hebt bereikt.  Wel is het heel belangrijk dat je doelen concreet zijn. 'Ik moet wat meer op de centen letten' is als doel niet voldoende. Beter is 'ik wil per week € 15 minder uitgeven'. Omschrijf liefst ook op welk gebied je dat denkt te bereiken en hoe. Dus bijvoorbeeld: 'Ik ga besparen in de categorie 'divers',  'ik stop met koffie kopen voor onderweg in de trein en bespaar daarmee per week € x uit'. Of: 'ik ga besparen op 'abonnementen', neem een abonnement op de bieb en lees daar tijdschriften, de krant en leen boeken. Ik bespaar daarmee € x per maand/jaar uit. Een concreet doel laat zich makkelijk omschrijven en is ook goed te meten.

Wees realistisch en flexibel
Soms werkt een bezuiniging niet omdat je voor de uitvoering ervan té veel afhankelijk bent van andere factoren. Bezuinigen op de energiekosten is moeilijk in een tijd van prijsstijgingen en als de winter extreem koud is. Erken ook dat er soms een onderliggend probleem is. Als het je maar niet lukt om die pakjes voorgesneden groenten te laten liggen dan is je probleem misschien 'tijd'. Jezelf als doel stellen niet meer voorgesneden groenten te kopen werkt niet als je gillend van de honger uit je werkt thuis komt en binnen een half uur eten op tafel moet zetten om te voorkomen dat je kinderen veranderen in een meute wolfshonden. Dus: zomaar schrappen en voornemen werkt niet. In bovenstaand geval zou je misschien kunnen overwegen in het weekend vooruit te koken.

Tijd investeren is geld besparen
Investeer in het maken van een weekmenu. Leer vooruit te denken. Laat je niet overvallen door omstandigheden die elke dag/maand/jaar terugkomen. Zit je nu nog op de blaren van de feestuitgaven? Maak dan nu een plan over hoe je dat dit jaar anders gaat aanpakken.

Sta op als je valt
Als ik iets heb geleerd is dat succes niet betekent dat je nooit meer valt, maar dat je altijd weer opstaat hoe vaak je ook valt. Straf jezelf niet met uitglijders door te stoppen 'want het lukt toch niet'. Kijk waarom je viel, leer er van en ga door. Een begroting klopt nooit. Er komt altijd van alles tussendoor fietsen, dat is normaal, zo is het leven. Houd ruimte over voor onverwachte rare fratsen, leer flexibel te zijn en sta op als je valt.


De afgelopen jaren heb ik door mijn ziekzijn geleerd dat het leven volledig anders kan uitpakken dan je wilt, wenst en verwacht en dat dit niet erg hoeft te zijn. In mijn geval was het voordeel dat langdurig platliggen de oude groeven in de plaat heel erg heeft veranderd. Aan de andere kant kan geld uitgeven tegenwoordig ook vanaf de bank, verleidingen blijven dus wel overal vandaan komen.
Voor mezelf heb ik het gevoel dat ik wel redelijk op de rit ben. Ik ben niet meer bang voor uitglijders. Het grote verschil met vroeger is vooral dat ik opsta als ik val, op alle gebieden. Ik kon heel streng in de leer zijn met hoe ik zaken aanpakte en was dan volledig van de rel als de werkelijkheid anders was dan bedacht. Nu ga ik ervan uit dat het toch wel anders zal lopen dan ik vooraf bedenk en houd daar rekening mee. Maar de tijd zal uitleren hoe ik eindig: in een afbetaald huis of in een doos onder de brug.....
 

Wat helpt jou bij het veranderen van gedrag?

donderdag 9 januari 2014

Waar bleef die poen?

Gastblogger Pennie Wijs kon zich laatst niet inhouden en stelde naar aanleiding van dit artikel in het reactieveld een indringende vraag: 

"Het blijft toch een beetje mysterieus. Voor je inkomensdaling maakten jullie alles op. Toen daalde je inkomen onverwacht drastisch en toch kun je nu bufferen, (extra) hypotheek aflossen, met vakantie gaan, biologisch eten, huisdieren houden en er zelfs nog eentje bij nemen. Nu rijst bij mij (en vast óók bij andere lezers) de vraag: waaraan ging jullie geld vroeger dan op? Toch niet aan een terrasje hier en een etentje daar?

Een nogal onbescheiden, want gewoon ordinair nieuwsgierige vraag, maar ik durf hem (aarzelend) te stellen omdat het hier toch over dit soort zaken gaat. Spaarcentje zou je een stukje kunnen schrijven over jullie vroegere leven? Waren jullie extreme bourgondiërs die sterrenrestaurants frequenteerden. Volgde je de mode op de voet? Maakte je vaak verre, dure reizen? Kortom: waar is die poen gebleven?"

Een leuke vraag en daarom beantwoord ik hem graag! Er is weinig vreemds aan hoor Pennie, al verbaas ik me zelf ook wel dat het nu zo goed gaat. We smeten met geld en leefden er goed van. Het ging niet op aan spullen maar vooral aan ervaringen, weekendjes weg, vakantie, uit eten, zomaar even naar een vriendin in Barcelona. Ook volgde ik drie jaar lang een dure opleiding van € 3000 per jaar. De essentie was: zelden vooraf bedenken hoeveel geld er kan worden uitgegeven maar achteraf op de blaren zitten. En omdat we allebei echt goed verdienden, kon het ook allemaal. Maar we spaarden nooit, hadden hooguit een paar 100 euro op de bank. Toen we duurder gingen wonen, namen we ons voor om zuiniger te leven. Dat lukte met veel moeite, want onze leefstijl werd niet voldoende aangepast. En toen ik ziek werd hadden we dus meteen een probleem. Het is dus heel simpel: veel uitgeven en niets vooraf bedenken, niet met budgetten werken. Dat het nu zo goed gaat is best gênant, zeker als ik bedenk hoeveel geld we toen hadden en het niet eens doorhadden.....

En daarmee was de kous af, dacht ik. Mooi antwoord en helemaal duidelijk. Maar de vraag bleef rondzingen in mijn hoofd. En toen leverde Pennie haar stukje in voor deze week. En wat schrijft ze? Bufferen is haar levenshouding van jongs af aan. Al als kleuter bewaarde ze van de twee toffees die ze kreeg, er altijd één voor later. Tja, zullen we eens raden wat ik met mijn snoep deed? Meteen in mijn mond en als mijn zus niet uitkeek eindigden haar toffees ook in mijn mond!

Geen wonder dat ik enorm veel overhield toen ik eenmaal van bufferen met hangen en wurgen wel mijn levenshouding maakte. Bij mij was de ruimte die er over kon blijven echt vele malen groter dan bij 'geboren zuinigerds'. Dat is niet raadselachtig, dat is een inhaalrace met veel winst! Nu is het zo dat 1 op de 3 Nederlanders geen buffer heeft, zoals Pennie gisteren schreef. Zoals ik leefde, zal voor veel mensen herkenbaar zijn. Er is dus heel veel winst te halen voor heel veel mensen, ook als ze gedwongen achteruit gaan in inkomen.

De rust die we nu ervaren is het verschil tussen doordacht en ondoordacht uitgeven. Ook heb ik geleerd dat behoeften niet alleen kunnen worden uitgesteld (niet meteen alle toffees in je mond proppen) maar ook kunnen veranderen. Dus eet ik nu al jaren suikervrij en heb ik een buffer op de bank. Het feit dat ik mateloos kan zijn helpt me enorm. Ik kan heel goed veel drinken, roken, snoepen en geld uitgeven. Maar ik ben ook een ster in alcoholvrij leven, nietroken, suikervrij eten en zuinig leven. Mijn enorme enthousiasme voor alles in het leven werkt twee kanten op.

Dus, waar bleef die poen? Die werd als het ware in de sloot gegooid. Wel genoten we enorm. Nu sparen we de poen op en kiezen bewust onze uitgeefmomenten. Maar we genieten niet minder. Zelden heb ik het gevoel gehad dat ik iets heb moeten inleveren. Ik heb er juist veel bijgekregen!

Ben jij een geboren zuinigerd of propte jij ook twee toffees tegelijk in je mond?

woensdag 8 januari 2014

Wijs op woensdag: Bufferen

Om de week op woensdag schrijft gastblogger Pennie Wijs een stuk op Spaarcentje:


Pas las ik dat één op de drie Nederlanders geen financiële buffer heeft. Slechts 21 procent heeft meer dan €5000,-. Ik viel bijna van mijn stoel van verbazing. Want onwillekeurig denk je – ik tenminste wel – dat de meeste mensen zijn als jijzelf. En nu las ik dat ik juist tot een kleine minderheid behoorde.

Voor mij is bufferen een levenshouding. Ik bufferde al toen ik nog maar een kleuter was. Onze buurman werkte bij een snoepfabriek, dus wij kregen wel eens wat. Soms zelfs twéé snoepjes tegelijk. Ik koos altijd voor droptoffees. Nu ik dit opschrijf, loopt het water me weer in de mond. Ik ruik ze nog, ik proef ze nog, ik voel het kleverige papiertje nog. Dól was ik op die toffees. Maar dacht je dat ik er ooit twee tegelijk zou opeten? Echt niet. Ik bewaarde er altijd eentje voor later. Als buffer. Een toffee in je mond was lekker, maar een in je zak bijna nog lekkerder. Het idee dat je die kon nemen wanneer je maar wilde. Heerlijk, dat gevoel van controle, macht, ja van veiligheid.

En zo ging het later ook met geld. Ik kan me niet heugen dat ik ooit mijn zakgeld tot de laatste cent heb gespendeerd. Dat was niet omdat ik véél kreeg, integendeel. Toen ik als puber vakantiebaantjes kreeg, zag ik bij mijn ouders wel eens verbazing over mijn buffergedrag. Wat er ook voor onverwachts gebeurde, ik had altijd wel financiële reserves.

Bij mijn eerste serieuze baan ging er eens iets mis bij de administratie, waardoor het salaris niet op tijd kon worden uitbetaald aan het personeel. Het leek wel of er een volksopstand uitbrak! Hoe kon dat nou, dit pikte men niet, hoe moesten we nu verder leven? Ik was nog piepjong en keek verbluft toe hoe volwassen meneren, met verantwoordelijke banen en complete gezinnen thuis, mannen tegen wie ik huizenhoog opkeek, benauwd werden van het idee dat hun salaris later gestort zou worden. Konden ze het echt geen paar weken langer uitzingen? Mijn chef kwam bezorgd vragen of ik het wel zou redden. Eventueel moest er iets geregeld worden met een voorschot. Ik wuifde zijn zorgen luchtig weg. Welnee, mijn salaris mochten ze best later storten als het zo eens uitkwam, hoor. Die blik in zijn ogen! Nog net op tijd kwam ik bij zinnen. ‘Uiteraard dan wel met een redelijke rente’, riep ik hem nog gauw na.

Het is geen verdienste, het gaat vanzelf, bufferen is gewoon mijn tweede natuur. Ik doe het niet alleen met geld, maar op alle gebieden. Van mijn lunchpakket bewaarde ik altijd een boterham voor eventuele honger in de namiddag. Tijdens een bergwandeling zal ik nooit mijn veldfles helemaal leegdrinken. Op het laatste stukje van de route kun je immers nog je enkel verstuiken en dan heb je mooi een slokje in voorraad voor het geval je lang op hulp moet wachten. Ook heb ik altijd een extra trui bij me, voor plotseling invallende kou.

Of ik dan niet benepen leef? Ja, die vraag wordt me wel eens gesteld, meestal op meewarige toon. Ben ik eigenlijk niet een zielige tobberd? Dat hangt ervan af hoe je het bekijkt. Mijn buffers bezorgen me een gevoel van vrijheid. Zo blijf ik juist vrij van tobberijen. Ik zie mezelf als de mier in de fabel van LaFontaine. En ja, in mijn leven duiken ook geregeld krekels op. Bij onvoorzien oponthoud in het openbaar vervoer... ‘Zeg, heb jij soms een boterham voor me?’ Op tuinfeestjes waar plotseling een windje van zee opsteekt. ‘Heb jij misschien een vest ofzo?’ Tijdens kampeervakanties, als iedereen weer moet lachen over dat gemuts van Pennie met haar kratjes vol spullen. ’s Avonds geritsel bij mijn tent. ‘Hé Pen, heb je een luchtbedpompje? Een extra tentharing? Een elastiekje? Een knijper? Een aspirientje? Zaklampje over? Zeg, bedankt hoor. Als we jou toch niet hadden...’

Voordat jullie allemaal gaan mailen: je kunt bij mij altijd terecht voor een boterham of een slok water. En alles mag je van me lenen (behalve mijn man, laptop, piano en een paar boeken). Maar aan geld uitlenen begin ik niet. Zelfs niet tegen een aantrekkelijke rente. Ga maar naar de bank. Die kan het goed missen. Ik niet. Ik ben uitermate gesteld op mijn buffer. Voor mijn gevoel van vrijheid.

‘Jamaar, jamaar’, sjirpen mijn vriendinnen dan, ‘waarvóór dan toch, Pennie? Een doodshemd heeft toch geen zakken?’ Ja, er zitten subtiele types tussen, maar ik ben dan niks te beroerd om een en ander toe te lichten. Het zit namelijk zo. Ik heb een voorgevoel dat ik stokoud word. En dat is niet iets om je in alle opzichten over te verheugen. Want meestal geldt: hoe ouder, hoe krakkemikkiger. Tegen de tijd dat ik een eeuweling ben, zijn alle verpleeginrichtingen gesloten en zijn de AWBZ en WMO opgeheven en al lang vergeten. En dan komt dus mijn buffer in beeld. Daarvan huur ik lieve verpleegsters in die mij in mijn eigen huisje komen vertroetelen. Heerlijk, ik kan me er nu al op verheugen. Mmm, wat een lekkere toffee in mijn zak!

Waarvoor is jouw buffer bestemd?

dinsdag 7 januari 2014

Dol op puzzelen

Wat levert een begroting je op? Niets, als je er  niet zo veel mee doet. Het is natuurlijk zaak wat je bedenkt, te vergelijken met wat je doet. Dus maak ik al jaren een jaar- en maandbegroting en houd ik mijn uitgaven bij. Als de maand voorbij is, kijk ik hoe we het deden en of wat we bedenken klopt met wat we doen. En natuurlijk is de werkelijkheid altijd anders. Er komt altijd wel een onverwachte uitgave voorbij, een kat die pilletjes nodig heeft, een schuurmachine die de geest geeft als er geschuurd moet worden.

Wat me nu super handig lijkt, is bij te kunnen sturen terwijl de maand nog loopt. Dus de pech kunnen invoeren en zien welke gevolgen dit heeft. Dan kan ik gerichter anticiperen. Deze maand hadden we toch al weer wat uitgaven die ik echt niet had voorzien (onze boekhoudkundige maand begint op de 23e...). Na vooral veel uren werk (hele begroting moest worden aangepast), kan ik nu meteen zien dat we hierdoor deze maand € 57 tekort komen. Ik kan nu meteen hier en daar wat schuiven met uitgaven die nog gaan komen om te kijken of ik zo dat tekort kan oplossen. Heel fijn.

Concreet: ik heb een begroting voor januari en in de kolom ernaast houd ik de uitgaven bij. Aan het eind van de maand zie je wat afwijkt en wat niet. Nu heb ik er nog een kolom aan toegevoegd die identiek is aan de begroting, alleen de overschrijdingen worden daarin gezet. Zo zie ik meteen onder aan de streep het effect. Heel fijn, het geeft me meer gevoel van controle. Misschien wat suf dat ik dit nu pas doe, maar ik ben niet zo'n exel wonder dus elke stap kost me uren.

Natuurlijk kun je ook 'gewoon rekenen' en dat deed ik voorheen ook wel maar dat was veel gedoe. Nu zie ik meteen onderaan de streep een getal verschijnen. Het was even flink wat werk maar nu kan ik dan weer even vooruit!

Hoe houd jij grip op de uitgaven?

maandag 6 januari 2014

Het aflosverhaal van Lieneke


Lieneke is bijna 45, 23 jaar getrouwd en heeft drie dochters in de puberleeftijd. Haar man werkt fulltime en zij 20 uur per week in wisselende diensten.


Waarom ben jij gaan aflossen?
Wij zijn gaan aflossen om de maandlasten te verlagen, de overheid trekt zich steeds verder terug, dus het is belangrijk om zo veel mogelijk besteedbaar inkomen te hebben.

Wat voor hypotheek heb jij?
Onze hypotheek bestaat uit knip- en plak werk. Bijna de helft van het bedrag, € 56.000, is een spaarhypotheek. Daarnaast is er een annuïteiten hypotheek van € 9000,- en nog drie aflossingsvrije hypotheekjes van respectievelijk € 15.000, € 37.000 en €40.000 bij gekomen. Met elke stukje hypotheek werd ons huis een stukje mooier en groter moet je maar denken.

Wat was het oorspronkelijke hypotheekbedrag?
We zijn ooit begonnen met een hypotheek bedrag van € 56.000. Inmiddels is de resterende totale hypotheeksom €148.000.

Wil je alles aflossen/ Heb je de hele som afgelost?
De annuïteiten hypotheek zal in januari afgelost zijn. Daarna gaan we beginnen met het aflossen van de aflossingsvrije hypotheek met de hoogste rente. De spaarhypotheek loopt nog maar 13 jaar, die zitten we gewoon uit, we hebben nog genoeg af te lossen aan de andere hypotheekdelen.

Hoe reageerde je hypotheekverstrekker op je aflosplannen?
Niet.

Ben je helemaal vrij om af te lossen wat je wilt, of moet je je aan een minimaal aflosbedrag houden van de bank? Is het aflossen een ingewikkeld administratief proces?
Er mag per jaar per hypotheekdeel 20% afgelost worden. Je moet middels een formulier toestemming vragen, maar dat gaat eigenlijk altijd goed.

Maakte je van te voren een aflosplan en lukt het je om je daaraan te houden?
Ik heb een meerjaren planning gemaakt maar ben daarin heel flexibel, onder het mom van alle beetjes helpen. Ons oudste kind gaat volgend jaar studeren en die kosten gaan natuurlijk voor. Over ongeveer 10 jaar zal ook de jongste klaar zijn met haar studie en dan gaat alle aandacht naar het resterende af te lossen bedrag. Tot die tijd lossen we af maar is er geen strakke planning. Momenteel gaat er € 180 per maand naar de aflosspaarrekening. Als er weer een bedrag is afgelost en de maandlasten omlaag gaan, wordt dit extra gespaard op deze rekening.

Hoever ben je met aflossen?
We lossen eigenlijk pas sinds een jaar extra af. We zijn begonnen met het aflossen van de annuïteiten hypotheek omdat dat het meeste effect op de maandlasten heeft. We hebben zo'n € 4000 extra afgelost.


Hoe reageerde je omgeving dat je ging aflossen?
We hebben het er eigenlijk niet zo over in onze omgeving.

Hoe houd je het vol? Hoe ga je om met tegenvallers?
Omdat we er van uit gaan dat alle beetjes helpen hebben we geen harde eisen aan ons zelf gesteld, dus valt er ook niet veel tegen.

Wat is jouw tip voor mensen die nog niet aflossen en twijfelen of ze het moeten gaan doen?
Veel kleine bedragen maken één groot bedrag. Als je vervolgens ook je besparingen (uitgespaarde rente) apart wegzet, krijg je een sneeuwbaleffect.


Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...