dinsdag 10 december 2013

Betere tijden?

Onlangs kwam er bij ons in de straat een huis te koop te staan. Binnen een paar weken werd het verkocht. Zou het? denk ik dan... want ook ik lees positieve berichten. De werkloosheid is gedaald: er zijn 11.000 werklozen minder in de maand oktober op de in totaal 674.000 werklozen (bron: CBS). Ook zou het consumentenvertrouwen stijgen volgens de Volkskrant van 21 november jl.

Dat alles relatief is, blijkt een paar dagen later als een substantieel deel van de gedaalde werkloosheid deels schijnt te worden veroorzaakt doordat mensen eieren voor hun geld kiezen en weer gaan studeren en dus niet meer als werkzoekend zijn geregistreerd. En consumentenvertrouwen wat is dat nu eigenlijk? Kort gezegd: de bereidheid om binnen afzienbare tijd iets nieuws te kopen, en dan vooral grotere aankopen bijvoorbeeld voor het huis of een andere auto. Dit vertrouwen stijgt als er een tijdje wat minder naar economisch nieuws is. Dat bleef inderdaad uit. We lazen over herstellende markten en een begrotingsakkoord. Dat geeft blijkbaar vertrouwen.

Dat is vertrouwen gebaseerd op externe factoren. "De economie" trekt aan, de werkloosheid daalt en dus kunnen we weer uitgeven, hopen de politici. Maar jij en ik zijn ook onderdeel van de economie. Hebben we ineens meer te besteden nu de economie aantrekt? Wel als ik een baan vind terwijl ik de afgelopen jaren werkloos was. Niet als ik werkloos blijf. Ik heb niet ineens meer te besteden. Sterker nog, ik ben niet slim bezig als ik niet meer te besteden heb en wel meer ga uitgeven omdat ik 'er weer vertrouwen in heb'. Consumentenvertrouwen hangt voor een groot deel af van de eigen financiële situatie en die kan behoorlijk afwijken van de staat waarin de economie verkeert. Bovendien is consumentenvertrouwen vooral gebaseerd op verwachtingen en als we iets hebben geleerd de afgelopen jaren dan is het dat we niet moeten handelen omdat we verwachten dat het straks financieel beter wordt.

Consumentenvertrouwen zegt dus weinig. Hoe meer vertrouwen, hoe meer bereidheid tot uitgeven. En hoe meer we uitgeven, hoe meer vertrouwen er blijkbaar is. Maar zegt dat iets? En is het belangrijk daar naar te luisteren? We kunnen onze bereidheid om uit te geven beter meten aan de buffer waarover we beschikken. Nog steeds heeft 40 % van de huishoudens een te kleine buffer, waarvan 20% geen enkele buffer heeft. Iedereen zou een minimale buffer van €3500 achter de hand moeten hebben, ongeacht leefstijl.  Mensen die samenleven, kinderen hebben en een auto, dienen natuurlijk een grotere buffer te hebben. Niet als bron van inkomsten in de toekomst maar ter vervanging van spullen die nu worden gebruikt. (bron: Nibud).

Nu zijn getallen maar getallen. Voor sommige mensen met een groot gezin is een buffer van € 3500 ruim voldoende of veel te veel, voor anderen zal het nooit genoeg zijn. Sommige mensen leven van de lucht en hebben weinig nodig, anderen hebben een huis vol 'broodnodige' apparaten. Vraag je daarom vooral af wat noodzaak is en wat niet.

Hoe dan ook, zonder buffer kun je snel in de problemen komen. Je wasmachine gaat kapot, je auto moet worden gerepareerd en voor het weet sta je in de min. De meeste mensen zonder buffer weten heus wel dat ze kwetsbaar zijn. Ik vind het zo jammer dat we enerzijds lezen over consumentenvertrouwen en het dreigende opgeheven vingertje van het Nibud moeten ondergaan, en anderzijds nooit iets lezen over waarom die buffer ontbreekt. Het consumentenvertrouwen stijgt en we moeten massaal overgaan tot grote aankopen? Schei toch uit, de meeste mensen zijn al blij als ze uitkomen en aan het eind van de maand niet te erg in de min schieten.

Dat betekent natuurlijk niet dat we moeten gaan wanhopen en die buffer moeten vergeten. Bij veel mensen ontbreekt nog steeds een goed overzicht van wat er inkomt en eruit gaat. Geef geld opzij zetten voor een buffer (hoe klein ook) altijd voorrang. Gebruik een meevaller (je 13e maand of het extraatje dat je met Kerstmis van je baas/moeder/opa krijgt) niet om jezelf eens te verwennen - hoezeer je dat ook verdient - maar zet het opzij. Schik je wensen naar de situatie waarin je zit. Geen buffer en een kapotte vaatwasser? Dat wordt met de hand afwassen. Probeer zoveel mogelijk te voorkomen dat je geld gaat lenen ter vervanging van apparaten. Heel vervelend dat je TV kapot gaat, maar vervang hem pas met geld dat er is.

Betere tijden zijn ook afhankelijk van hoe je met geld omgaat. Natuurlijk speelt het mee als je werkloos wordt, gaat scheiden en met een restschuld achterblijft. Maar blijf niet te lang hangen in wat je overkomt. Hoe sneller je weet te schakelen, hoe sneller je de regie weer in handen hebt. Laat je inspireren door mensen die schijnbaar van niets kunnen leven. Dat zijn vaak mensen die hun verlangens en eisen hebben bijgesteld naar aanleiding van hun financiën.

Zit je nu niet op de bodem maar pieker je wel over je baan, je financiën? Kom in actie! Maak die buffer tot een prioriteit. En geniet van het gevoel van rust als je weet dat je pech kunt opvangen.

Hoor jij bij die 40 % die onvoldoende buffer heeft? Hoe ga je dat oplossen? Kan je dat oplossen?
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...