donderdag 11 april 2013

Omgaan met geld: werken met potjes

Een lezer mailde mij de volgende vraag:  

Ik lees vaak op jouw blog (en in reacties van anderen daarop) dat er geld in en uit “potjes” gaat. Nu vraag ik mij af of dit daadwerkelijk fysieke potjes zijn (of blikjes of dozen, maakt niet uit) waar het geld in wordt gespaard of maak je boekhoudkundige potjes aan en laat je de bedragen “groeien” op de lopende rekening??

Het antwoord is dat ik allebei gebruik, fysieke en virtuele potjes. Het helpt mij overzicht te krijgen en te houden. De fysieke potjes zijn bedoeld voor de regelmatige huishoudelijke uitgaven. Het boodschappengeld wordt gewoon in de portemonnee gestopt maar de rest wordt verdeeld over een gitaarlespot, drie zakgeldpotten en een pretpot. De pretpot groeit zo wekelijks met een klein bedrag, dat wordt 'opgenomen' wanneer het zo uitkomt. Gaan we op vakantie dan wordt de pot leeggemaakt en meegenomen.

De overige potjes staan op verschillende rekeningen. We hebben de volgende 'potjes'-rekeningen:
  • voor Zoon
  • Reserveringen
  • Kleding
Op de rekening van Zoon zet ik de kinderbijslag zodra die wordt gestort. Wij betalen daar alles van wat met hem te maken heeft: kleding en schoenen, sport, abonnementen, bijdrage aan school....

Uit de pot reserveringen worden alle periodieke (niet maandelijkse) uitgaven betaald. Dat is bij ons het abonnement op de bibliotheek, lidmaatschap pechhulp, energieservice, onderhoud auto en autokeuring, PWN, persoonlijke verzorging, medicijnen en overige geneeskundige uitgaven en de kaart voor het North Sea Jazz festival.

Uitgaven in deze categorie komen niet maandelijks terug maar kunnen er behoorlijk inhakken als ze komen. We storten elke maand € 300 op deze rekening en kunnen zo makkelijk de periodieke uitgaven betalen. Sommige uitgaven zijn natuurlijk moeilijk te begroten. De hoogte van het bedrag van het lidmaatschap van de bieb of de North Sea Jazz kaart veranderen niet zo maar, de kosten van een  autokeuring zijn natuurlijk moeilijker in te schatten. Dus maak ik een schatting, gebaseerd op het gemiddelde bedrag dat we tot nu toe uitgaven. Valt het bedrag hoger uit dan de schatting, dan halen we het restant van de buffer.

Tot slot de kledingpot. Sinds dit jaar werken we met een vast kledingbudget voor Meneer Spaarcentje en mij. Dat bedrag wordt na ontvangst van de 13e maand in één keer op de kledingrekening gezet en zo kunnen we dan weer een jaar vooruit.  Een apart overzicht van de uitgaven biedt in één klap inzicht in hoeveel tegoed ieder voor zich nog heeft.
afbeelding van www

Het voordeel van werken met potjes is dat ik zo overzicht heb. Ik grijp eigenlijk nooit meer mis. Nu kan ik me voorstellen dat je geen zin hebt om zo maar extra rekeningen te openen, daar zijn ook weer kosten aan verbonden. Wat kun je dan doen? Zorg dan voor in ieder geval een betaalrekening, een spaarrekening en een reserveringsrekening. Zet op die reserveringsrekening alles wat in een potje moet. Het komt er nu wel op aan dat je dit strak boekhoudkundig in de gaten houdt. Maak een overzicht waarbij het duidelijk is welke percentages naar welk potje gaan. Zodat je niet teveel opmaakt aan bijvoorbeeld kleding en misgrijpt als de rekening van de autokeuring komt.

Voor mij werkt één rekening niet. Als ik alles op één hoop gooi raak ik het overzicht kwijt. Geef mij maar potjes. Net zoals de huisvrouwen vroeger deden, zo'n ouderwets huishoudblik, lekker overzichtelijk en toch gescheiden van elkaar. Misschien werkt één pot voor jou wel. Uiteindelijk is het beste systeem dat wat jou overzicht geef, zodat je grip krijgt op je uitgaven. Het gaat niet om potjes maar om overzicht.

Hoe krijg jij overzicht?

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...